MV & EE with THE BUMMER ROAD is een nieuwe naam voor hetzelfde losvastcollectief dat vroeger onder de naam Tower Recordings door het leven ging. De spilfiguren zijn Matt Valentine, Erika Elder, Samara Lubelski en PG Six. Het resultaat van hun gebundelde krachten doet nog al eens denken aan de Engelse paganfolk uit de jaren zestig en zeventig, zoals we die kennen van de Wicker Mansoundtrack en ook van the Incredible String Band en aanverwanten, zij het met een geheel eigen invulling. Samen met Pelt was Tower Recordings al met een nieuwe benadering van folk bezig lang voordat iedereen sprak van freakfolk, of wyrdfolk. Daardoor kunnen ze een beetje als de vaandeldragers van de nieuwe beweging gezien worden.


Spires That in the Sunset Rise is een hip vrouwelijk freefolkcombo uit Chicago dat veel recenter is, maar zowel schatplichtig is aan de eerste psychfolkbeweging met Comus en COB, als aan het Tower Recordings en Sun City Girlsera. Hun thuisbasis maakt ook dat ze een free-improvattitude meekregen. Nooit bewust als een freefolkband begonnen, maar opgepikt door hun primitief en eclectisch gerammel met een arsenaal aan akoestische instrumenten en buitenaards geprevel dat zweeft tussen liedjes en vrije improvisatie. Met schitterende releases op belangrijke labels als Secret Eye en Eclipse, behoort deze groep absoluut tot de haute finesse van het genre. Temeer omdat ze met o.a. cello, draailier, harmonium, banjo, mbira en belletjes een bezwerend en uiterst origineel theatraal geluid voortbrengen dat niemand anders in het genre hun nadoet.
Track 1 | Track2 | Track3

De uit Minneapolis afkomstige Charles Martin Simon, ofwel Charlie Nothing, is een schrijver, maar ook een kunstenaar, filosoof, instrumentenbouwer én muzikant. In de jaren zestig verwierf hij als dat laatste wat bekendheid en kreeg hij zelfs een lucratief aanbod om samen met Bob Hope te toeren in Vietnam om er de Amerikaanse troepen te entertainen. Ook de gitaargod John Fahey vroeg hem om een plaat op te nemen voor zijn Takomalabel. Charlie Nothing is onbekend en onbemind, niet in het minst omdat zijn artistieke keuzes altijd compromisloos bleven.

Fish & Sheep is een van de groepen die mee aan de basis liggen van de experimentele vernieuwing in Portugal. Samen met Loosers (op wiens label “Ruby Red” - de groeps officiële debuut - verscheen) en Caveira, behoort Fish & Sheep tot een lichting die gitaarmuziek in hun land loskoppelt van de traditionele genres. Met helden als Keiji Haino en Sightings in het achterhoofd en een voorliefde voor de vrije attitude van de jaren zestig en zeventig.

 

“There is no leader in this band, which can make songwriting a terribly interesting process, there is no formula, or at least no aspired formula. Each song takes on its own growing process, some die ... I think we all constantly challenge each other, and we all have similar aesthetics yet very different talents to bring to the music. We really have created our own terminology in communicating musical theory and composition!”

(Kathleen Baird van Spires that in The Sunset Rise, 2003, Storing)

   
    Het “new weird”-fenomeen blijft zich uitdijen over het hippe muzikale landschap. De neohippie manifesteert zich, psychedelica is weer een verantwoord begrip en u kunt zonder blozen weer uw baard laten staan of vlechtjes leggen. Ook de onderliggende stroming die aan de basis lag van deze cultuur floreert, zij het dat een groot deel ervan niet altijd even blij is met de connotaties die aan hun muziek vasthangen. De grote maatschappelijke theorieën laten ze met een gerust hart links liggen. Hier gaat het om de ultieme artistieke democratie en energie. Het is muziek op zijn persoonlijkst, waarbij de techniek ondergeschikt is aan het creatieve scheppingsproces. Vaak grijpt men terug naar het primitieve in de mens, een soort stream of consciousness in folkstructuren. Hoewel de populaire links met de late jaren zestig en de vroege jaren zeventig duidelijk zijn en vergelijkingen met groepen als Comus, COB en The Incredible Stringband op iedereens lippen branden, gaat het hier om een beweging die veel meer is dan herinterpretering. Met een diepgewortelde interesse voor de vrijheid die destijds geschept werd en invloeden die reiken van psych- en progfolk over ragagitaar, postpunk en freejazz, is dit een cultuur die zich voor een stuk onttrekt aan de gangbare paden in het alternatieve circuit. Uit het hele media-aanbod plukken ze een voor een wat ze willen en kunnen gebruiken. Dat gaat van zelfuitgegeven cassettes tot serieuze cd’s of lp’s bij kleine en middelgrote independents.

Hans Van der Linden van het mediawebzine Cut-Up analyseert het mooi in zijn artikel “Free Folk: Steun in Bange dagen”: “Ook de hegemonie van de Westerse muzikale cultuur wordt stapsgewijs verlaten. Dit vertaalt zich in het gebruik van vreemdsoortige instrumenten zoals de sitar of Tibetaanse bollen ... Voor sommigen zal dit eerder de verwantschap met een populaire stroming zoals new age oproepen, maar toch duidt dit op een beweging die stilaan op zoek gaat naar nieuwe vormen van musiceren en daarbij geen barrières uit de weg gaat.” (Cut-Up, Van der Linden, 2005)

De freefolkers, wyrdfolkers, freakfolkers, new weirdo’s - of hoe je ze ook noemen wil - vormen veel meer dan in andere genres een hechte stroming, een beweging, waarin iedereen gelijkaardige artistieke benaderingen hanteert. Heel veel mensen switchen ook van de ene groep naar de andere en er zijn volop samenwerkingen. Kenmerkend is vrijheid als een van hun krachtigste statements. Zowel in creatie, in bezetting, interpretatie ...
Die drang naar vrijheid is, ondanks het ontbreken van een krachtig politiek statement, een mooi voorbeeld van een maatschappelijk teken van jongeren die zich in een tijd van conservatieve wereldpolitiek willen losrukken en het liberalisme in zijn libertaire oorsprong benaderen. Een relatief brave anarchie op kapitalistische fundamenten, maar muzikaal een langdurende en belangrijke evolutie die nu op zijn hoogtepunt is.